In Nederland werken vele duizenden mensen als zelfstandig ondernemer, oftewel als ZZP’er (Zelfstandige Zonder Personeel). Het aantal zelfstandigen blijft stijgen, vooral in sectoren zoals de bouw, zorg, en IT. Hoewel het ondernemerschap voor velen vrijheid en flexibiliteit biedt, kan er ook sprake zijn van schijnzelfstandigheid, waarbij een ZZP’er formeel als zelfstandige werkt, maar in feite als werknemer van een bedrijf kan worden beschouwd. Vanaf 2025 zal de overheid strenger gaan handhaven op schijnzelfstandigheid. In dit blog bespreken we wat schijnzelfstandigheid precies is, hoe het wordt herkend, de wetgeving eromheen, en hoe zowel opdrachtgevers als zelfstandigen zich kunnen beschermen tegen de risico’s.

Wat is schijnzelfstandigheid?
Schijnzelfstandigheid treedt op wanneer iemand officieel als ZZP’er werkt, maar feitelijk dezelfde rol vervult als een reguliere werknemer. Dit betekent dat de persoon weliswaar niet in loondienst is, maar dezelfde werkzaamheden verricht, onder dezelfde voorwaarden en aansturing, als iemand die een arbeidsovereenkomst heeft. In zo’n geval zijn er geen duidelijke kenmerken van ondernemerschap aanwezig en voldoet de werkrelatie in feite aan de kenmerken van een arbeidsovereenkomst.
De Belastingdienst hanteert drie criteria om te bepalen of er sprake is van een dienstverband:
- Arbeid: De persoon moet het werk zelf verrichten.
- Gezag: De opdrachtgever heeft het recht om de werkwijze te bepalen en instructies te geven.
- Loon: De persoon krijgt een beloning voor de werkzaamheden.
Wanneer aan deze drie voorwaarden is voldaan, spreekt men meestal van een arbeidsovereenkomst. Wanneer deze voorwaarden van toepassing zijn op een ZZP’er, kan er sprake zijn van schijnzelfstandigheid.
Hoe herken je schijnzelfstandigheid?
Schijnzelfstandigheid is niet altijd gemakkelijk te herkennen, omdat het afhangt van de specifieke omstandigheden van de werkrelatie. Toch zijn er een aantal rode vlaggen waar zowel de ZZP’er als de opdrachtgever op kunnen letten:
- Langdurige en exclusieve opdrachten: Werkt de zelfstandige al lange tijd voor slechts één opdrachtgever en heeft hij of zij geen andere klanten? Dit kan duiden op een arbeidsrelatie.
- Instructies en aansturing: Krijgt de ZZP’er voortdurend aanwijzingen over hoe het werk uitgevoerd moet worden? Wanneer een zelfstandige onder strikte aansturing werkt, kan dat op een gezagsverhouding wijzen.
- Werken met bedrijfsapparatuur: Als de zelfstandige werkt met de middelen van de opdrachtgever (denk aan laptop, telefoon, bureau), is de kans groot dat het werk meer op een werknemer lijkt dan op een zelfstandige.
- Geen ondernemersrisico: Ondernemersrisico is een belangrijk kenmerk van zelfstandig ondernemerschap. Als de ZZP’er geen risico loopt, bijvoorbeeld door een vaste beloning of weinig verantwoordelijkheden, kan dat een teken zijn van schijnzelfstandigheid.
Wetgeving rond schijnzelfstandigheid (Wet DBA)
De Nederlandse wetgeving heeft al langer te maken met de problematiek rondom schijnzelfstandigheid. In het verleden werd de Wet DBA (Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties) geïntroduceerd om de relatie tussen zelfstandigen en opdrachtgevers te beoordelen, maar deze wet bleek in de praktijk moeilijk handhaafbaar. De onzekerheid rondom de Wet DBA leidde ertoe dat de Belastingdienst vanaf 2016 een handhavingsmoratorium instelde. Dit hield in dat er alleen in extreme gevallen (bijvoorbeeld bij opzet) werd opgetreden tegen schijnzelfstandigheid.
Vanaf 1 januari 2025 zal dit handhavingsmoratorium worden opgeheven. Dit betekent dat de Belastingdienst strenger zal gaan handhaven op schijnzelfstandigheid en bedrijven en zelfstandigen die zich niet aan de regels houden, het risico lopen op forse boetes en naheffingen.
Opheffing van het handhavingsmoratorium vanaf 2025
Met de opheffing van het moratorium vanaf 2025 zet de overheid een belangrijke stap in de bestrijding van schijnzelfstandigheid. De Belastingdienst zal voortaan actiever controleren of ZZP’ers wel echt als zelfstandigen werken en of er geen sprake is van verkapte dienstverbanden. Voor zowel opdrachtgevers als zelfstandigen betekent dit dat zij zich beter moeten voorbereiden om aan te tonen dat er daadwerkelijk sprake is van zelfstandigheid.
Handhaving vanaf 2025
Vanaf 2025 zullen er controles plaatsvinden op basis van de bovenstaande criteria (arbeid, gezag, loon). De Belastingdienst kan in die gevallen oordelen dat er een dienstverband bestaat, waarna er loonaanslagen en naheffingen kunnen worden opgelegd aan de opdrachtgever. Daarnaast riskeert de opdrachtgever ook boetes als wordt vastgesteld dat zij bewust de regels hebben overtreden.
Risico’s van schijnzelfstandigheid
Schijnzelfstandigheid brengt aanzienlijke risico’s met zich mee voor zowel de opdrachtgever als de zelfstandige zelf.
Voor de opdrachtgever:
- Financiële sancties: Wanneer de Belastingdienst vaststelt dat er sprake is van schijnzelfstandigheid, kan dit leiden tot forse naheffingen en boetes. De opdrachtgever moet in dat geval alsnog loonbelasting en premies afdragen, inclusief mogelijke boetes voor het niet naleven van de wet.
- Reputatieschade: Naast financiële gevolgen kan schijnzelfstandigheid ook leiden tot reputatieschade. Een bedrijf dat wordt betrapt op het faciliteren van schijnzelfstandigheid, kan het vertrouwen van klanten, werknemers en de samenleving verliezen.
Voor de ZZP’er:
- Inkomstenterugvordering: Als de Belastingdienst bepaalt dat de werkrelatie een dienstverband is, kan de zelfstandige met terugwerkende kracht belasting en premies verschuldigd zijn.
- Ondernemersfaciliteiten verliezen: Schijnzelfstandigheid kan ertoe leiden dat de zelfstandige bepaalde fiscale voordelen (zoals de zelfstandigenaftrek) verliest.
Voor de werknemer/werknemer-achtige:
- Minder arbeidsrechten: Een schijnzelfstandige heeft niet dezelfde rechten als een reguliere werknemer, zoals ontslagbescherming, loondoorbetaling bij ziekte en toegang tot sociale verzekeringen. In feite mist de schijnzelfstandige cruciale arbeidsrechten waar een werknemer normaal gesproken op kan rekenen.
Hoe voorkom je schijnzelfstandigheid?
Zowel opdrachtgevers als zelfstandigen kunnen preventieve maatregelen nemen om schijnzelfstandigheid te voorkomen:
Voor de opdrachtgever:
- Gebruik een modelovereenkomst: De Belastingdienst biedt goedgekeurde modelovereenkomsten aan waarmee bedrijven en zelfstandigen kunnen aantonen dat er geen sprake is van een dienstverband.
- Beoordeel de gezagsverhouding: Zorg ervoor dat de zelfstandige de vrijheid heeft om eigen werkmethoden te kiezen en dat er geen directe gezagsverhouding is.
- Zorg voor meerdere opdrachtgevers: Werk samen met zelfstandigen die meerdere opdrachtgevers hebben en zorg dat de samenwerking niet lijkt op een vaste aanstelling.
- Contracteer op resultaat, niet op tijd: Richt de opdracht af op het te behalen resultaat in plaats van op gewerkte uren. Een zelfstandige hoort zelfstandig te bepalen hoe en wanneer het werk wordt uitgevoerd.
Voor de ZZP’er:
- Werken voor meerdere opdrachtgevers: Zorg ervoor dat je voor meerdere opdrachtgevers werkt, om te voorkomen dat je als ‘werknemer’ wordt gezien.
- Behoud ondernemersrisico: Zorg ervoor dat je duidelijk ondernemersrisico loopt, zoals het zelf regelen van verzekeringen, het factureren van diensten, en het maken van eigen afspraken over tarieven.
- Werk met een duidelijke overeenkomst: Zorg ervoor dat er een duidelijke en juridisch sluitende overeenkomst is die de aard van de zelfstandigheid bevestigt.
- Aansprakelijkheidsverzekering: Een aansprakelijkheidsverzekering voor zzp’ers biedt bescherming tegen schadeclaims van derden, wat essentieel is bij het vermijden van financiële risico’s. In geval van schijnzelfstandigheid, waarbij een zzp’er eigenlijk als werknemer wordt beschouwd, kan deze verzekering helpen om onverwachte claims af te dekken die anders onder werkgeversaansprakelijkheid zouden vallen. Dit vermindert de financiële gevolgen voor de zzp’er.
Conclusie
Met de opheffing van het handhavingsmoratorium in 2025 wordt schijnzelfstandigheid in Nederland een belangrijke focus van de Belastingdienst. Zowel opdrachtgevers als zelfstandigen moeten zich beter bewust zijn van de risico’s en maatregelen nemen om te voorkomen dat zij in overtreding zijn. Het is van groot belang om duidelijk te maken dat er geen sprake is van een verkapt dienstverband, en zowel bedrijven als zelfstandigen moeten zich goed voorbereiden op de strengere controles en handhaving die op komst zijn.
Hulp nodig?
We kunnen ons voorstellen dat u na het lezen van dit artikel nog vragen heeft. Vraag uw adviseur naar meer informatie hierover. Hebt u géén boekhouder of administrateur? Kijk dan verder op onze site, wellicht dat onze diensten ook bij u aansluiten!
Y ı l d ı z & P a r t n e r s
Administratie & Belastingadvies
E | info@yildizpartners.nl
W | www.yildizpartners.nl
T | +31 (0) 852 00 6484
#boekhouder#belastingen#belastingdienst#fiscus#business#zakendoen#businessowner#businessman#businesswoman#eindhoven#noordbrabant#nederland#administratie#administratiekantoor#administratiekantooreindhoven#ondernemer#ondernemen#zzp#ayap#yildiz#yildizpartners#inkomstenbelasting#omzetbelasting#loonbelasting#loonheffingen#eigenbaas#eigenbedrijf#bloggen#noab
